Schaatskoorts

162 woorden
politiek schaatsen sport

— schaats•koorts (de; v(m); meervoud: n.v.t.)

1. toestand van opwinding over temperaturen onder het vriespunt, met de verwachting van schaatsen op natuurijs;
2. toestand van verdwazing, waarbij media iedereen die wil schaatsen ongebreideld en ongefilterd aan het woord laten over de mogelijkheid van een Elfstedentocht;
3. toestand waarin politici zich gedragen als rayonhoofden1, aangewakkerd door de aanhoudende oostenwind en naderende verkiezingen.

Je vraagt je af hoe vaak de Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden moet aankondigen, bevestigen en herbevestigen dat er dit jaar écht geen Elfstedentocht wordt gehouden.

Schaatskoorts doet gekke dingen met mensen, maar gelukkig niet met de organisatoren van de Elfstedentocht. Voorzitter Wiebe Wieling stelt nog maar eens droogjes:

We begrijpen de bewegingen die in Nederland nu rond de Elfstedentocht plaatsvinden. Maar daar kunnen wij niet zoveel mee. Of een alternatieve versie uitgesloten blijft? Dat is geen Elfstedentocht. Ook daar is bij ons niks in veranderd.


1 Deze heb ik niet zelf bedacht. Ik heb ‘m van Tom-Jan Meeus.